Marchien Vesper – door Halbe Hageman
Een nei begun
de vliegende tering
daolde opeeins neer
op het jonge gezin
en verstikte heur mam
de Spaonse griep
greep heur anstaonde
in Leiden en doodde
ok Marchien’s verstaand
al krankzinnig verklaord
reisde ze veur de genaodeslag
naor de linnenkaomer
van Groot Graffel
onder begeleiding
van tweei verpleegsters
strandde ze oeteindelijk
dichtbij op Dennenoord
beneden nummer 45
wacht zij daor al tachtig jaor
vergeten en onbekend
op een nei begun
en ik gao af en toe
even bij heur langs……
Halbe Hageman
Halbe Hageman vertelt over Marchien Vesper, die op Dennenoord is begraven. Geert, de broer van Marchien was de opa van Halbe.
Marchien Vesper is geboren op 19 mei 1896 te Norg als dochter van Gerrit Vesper en Aaltje Habing. Marchien haar broer, Geert Vesper (1893-1981), was mijn opa. Hij was ook als enige bij haar begrafenis in 1945 aanwezig. Hun moeder Aaltje overleed op 16 oktober 1906, na een doodsstrijd van een jaar, op 36-jarige leeftijd aan TBC. Marchien was toen 10 jaar oud.
Haar verloofde Jacob Pastoor (1896-1918) overleed aan de Spaanse Griep toen hij als militair gelegerd was in Leiden. Marchien woonde toen samen met haar vader in een boerderijtje op het adres Brinkstraat 4 te Norg. Haar broer Geert was intussen getrouwd met mijn oma Niessien Boerema (1895-1994), zij woonden tijdelijk bij hen in.
Kort daarna werden bij Marchien verschijnselen van krankzinnigheid vastgesteld. Zij had last van hallucinaties/waanbeelden en raakte daardoor verward, maar werd ook bozig en agressief. Zij schijnt o.a. te hebben geprobeerd het nieuwe huis van broer en schoonzus in brand te steken.
In 1930 werd zij opgenomen in het Krankzinnigengesticht Groot Graffel te Zutphen (‘op contract met de provincie Drenthe’ en voor rekening van de gemeente Norg).
In Zuidlaren was op dat moment geen mogelijkheid tot opname van Marchien. Vader Gerrit en Marchien waren zeer op elkaar gesteld. Hij heeft meerder keren getracht haar naar huis te halen, maar alle keren kreeg hij nul op het rekest.
Vader verhuisde later zelfs naar een huisje buiten het dorp en beloofde toezicht te houden, als Marchien maar thuiskwam. Huisarts Deelkens en dominee Witkop uit Norg hebben hem hierin bijgestaan. In 1932 werd door Dennenoord definitief vastgesteld dat Marchien niet kon worden ontslagen, omdat haar verpleging in een gesticht noodzakelijk was.
Een en ander greep vader Gerrit zo aan, dat hij tot tweemaal toe probeerde zelfmoord te plegen (ophanging). Ook raakte hij aan de drank, waardoor zijn geestelijke en ook financiële toestand alsmaar slechter werd. Toen hij zijn toezegging te zullen bijdragen in de verplegingskosten (100 gulden per jaar) niet nakwam, heeft de gemeente Norg nog geprobeerd dit bedrag te vorderen van de Kerkenraad van Norg. De Kerkraad wees dit verzoek af met als reden ‘dat krankzinnigenverpleging niet op den weg ligt van diaconale armenzorg’.
Gerrit Vesper verhuisde op een bepaald moment naar Witten, enkele jaren later naar Hoogeveen. Daar overleed hij op 6 juli 1934 en werd ‘van de armen begraven’.
In de familie is bekend dat broer Geert zijn zuster twee keer per jaar bezocht, in ieder geval altijd met Kerst.
Marchien Vesper werd op 31 december 1945 begraven op de begraafplaats van Dennenoord, in vak H45.


